Beeld: Els Zweerink

Iedere zaterdag Binnenkijken

Voor Volkskrant Magazine schrijf ik sinds 31 december iedere week de rubriek Binnenkijken, waarin ik mensen met een bijzonder huis en/of interieur interview. Je vindt de stukjes online en in de zaterdagbijlage van de Volkskrant.

Afgelopen zaterdag verscheen mijn tweede: een penthouse in Berlijn van de interieurontwerper van het Michelberger Hotel en zijn vriend, creatief directeur van de befaamde Voo Store.

Wonen in een penthouse in Berlijn

Acht jaar geleden verhuisde de Deense architect Sigurd Larsen van Kopenhagen naar Berlijn, waar hij onder meer verantwoordelijk is voor het interieur van het bekende Michelberger Hotel.

'De bank heet A Sofa en heb ik ontworpen voor Formel A, een meubelconcept uit Kopenhagen. Ik heb daar een paar banken voor ontworpen, dit is er eentje van.' Larsen : 'Liefst wil ik ramen tot aan de vloer, om de straat in te kunnen kijken. Maar vanwege de ornamenten aan de buitenkant, zal ik de buren nooit kunnen overhalen grotere ramen te plaatsen.'
‘De bank heet A Sofa en heb ik ontworpen voor Formel A, een meubelconcept uit Kopenhagen. Ik heb daar een paar banken voor ontworpen, dit is er eentje van.’ Larsen : ‘Liefst wil ik ramen tot aan de vloer, om de straat in te kunnen kijken. Maar vanwege de ornamenten aan de buitenkant, zal ik de buren nooit kunnen overhalen grotere ramen te plaatsen.’ © Els Zweerink

Wie? Sigurd Larsen (35) en Herbert Hofmann (33)
Wat doen ze? Larsen is interieurarchitect en Hofmann is creatief directeur van een modewinkel/conceptstore.
Waar? Een penthouse uit 1910 in de Berlijnse wijk Kreuzberg.

JE KOMT OORSPRONKELIJK UIT KOPENHAGEN. DAT IS OOK EEN MOOIE STAD.

Sigurd Larsen: ‘Toen ik in 2008 afstudeerde, was daar weinig te doen als architect. Ik had vrienden in Berlijn en kreeg hier een tijdelijke baan. De eerste twee jaar stond mijn inboedel nog in Denemarken, maar ik kreeg steeds meer werk. Nu ben ik hier nog steeds, wat ik helemaal niet vervelend vind.’

ALS INTERIEURONTWERPER MOET JE HUIS WEL EEN SPEELVELD OF TESTRUIMTE ZIJN.

‘Ja, zo zie ik het ook wel. Veel prototypen van mijn ontwerpen belanden hier in huis. Dat zijn vaak modellen waaraan iets nog niet helemaal klopt; ik woon met veel meubels die half af zijn.’

ZIE JE EEN PARALLEL TUSSEN WAT JE ONTWERPT EN HOE JE JOUW HUIS HEBT INGERICHT?

 ‘Ik ontwerp veel hotelkamers, tijdelijke huiskamers. Dat is een fijne klus: je kunt jezelf erin plaatsen als testpersoon. Als je een ziekenhuis ontwerpt, moet je het werkproces van dokters en verpleegsters begrijpen. Maar opdrachtgevers dagen me ook uit; op die manier inspireren en beïnvloeden zij mij.’

'De tafel hier op de bovenste verdieping is een van mijn prototypen. Hij is gemaakt van geverfd mdf, het echte meubel is beter afgewerkt en van mooier hout.'
‘De tafel hier op de bovenste verdieping is een van mijn prototypen. Hij is gemaakt van geverfd mdf, het echte meubel is beter afgewerkt en van mooier hout.’ © Els Zweerink

JULLIE APPARTEMENT LIJKT TWEE VERSCHILLENDE BOUWSTIJLEN TE HEBBEN.

‘Het is een typisch Berlijns gebouw met hoge plafonds en decoraties aan de façade. Ons appartement fungeerde vroeger als opslagplaats. De bovenste verdieping, een soort caravan van twaalf vierkante meter, is er in de jaren negentig op gebouwd. Je zou het een torentje kunnen noemen, met uitzicht over de daken van Berlijn.’

WAT HEB JE AAN JE APPARTEMENT VERANDERD?

‘Na vier jaar huren, kon ik het kopen. Daardoor heb ik veel tijd gehad uit te zoeken waar het mooiste licht en uitzicht is. Ik heb alles opnieuw ingedeeld.’

'Onze bambinoplanten groeien heel hard doordat er veel licht in huis valt. Soms is het hier net een jungle. In het begin waren ze veel bescheidener, nu worden het monsterplanten.'
‘Onze bambinoplanten groeien heel hard doordat er veel licht in huis valt. Soms is het hier net een jungle. In het begin waren ze veel bescheidener, nu worden het monsterplanten.’ © Els Zweerink

EIGENLIJK WOON JE DUS AL IN JE DROOMHUIS.

‘Ik blijf altijd dromen, dat heb ik van mijn ouders: we woonden nooit langer dan drie jaar op dezelfde plek. Op zondag gingen we altijd huizen kijken. Ik heb nooit ergens zo lang gewoond als in dit appartement. Voorlopig hoef ik niet weg, maar soms zou ik een extra kamer willen. Of een weekendhuis.’

'Ik weet niet wie 'm ontworpen heeft, maar ik heb de planetenmobiel gekocht bij Hallesches Haus, waar ze ook mijn meubels verkopen. De lamp is van Gubi, een Deense ontwerper. De slaapkamermuur hebben we rauw gelaten, het is één van de steunmuren en bedekt met beton.'
‘Ik weet niet wie ‘m ontworpen heeft, maar ik heb de planetenmobiel gekocht bij Hallesches Haus, waar ze ook mijn meubels verkopen. De lamp is van Gubi, een Deense ontwerper. De slaapkamermuur hebben we rauw gelaten, het is één van de steunmuren en bedekt met beton.’ © Els Zweerink