Julia Holter, tien liefdesverhalen op één album

Pas op met wat je zegt of schrijft over Julia Holter. Dat haar laatste album Have You in My Wildernessintiemer, meer popachtig en daarmee minder avant-gardistisch zou zijn dan we van haar gewend zijn, noemt ze zelf een misvatting, met een beledigde ondertoon in haar Californische Amerikaans. ‘‘Experimenteren is cruciaal voor mij,’’ vertelt ze bellend vanuit haar woonplaats Los Angeles. Ze noemde zichzelf al een storyteller. En terecht: haar moeilijk in genres te vangen muziek is niet alleen een product van geslaagde muziekvernieuwing, maar ook een medium waarmee ze zelfgeschreven verhalen vertelt, sommigen waar gebeurd, anderen gebaseerd op al dan niet klassieke films en literatuur. Vrijheid en mystiek zijn onmisbare ingrediënten voor een plaat waarop ze de liefde bezingt. En met name het loslaten en beëindigen daarvan.

Hoewel de 31-jarige Holter snel praat, is een halfuur met haar bellen veel te kort om de zangeres, songwriter en componiste alles te vragen wat je van haar wil weten. Omschrijven wat ze maakt is namelijk minstens zo complex en uiteenlopend als de muziek van haar vier albums, die ze vanaf 2011 in sneltreinvaart produceerde. In de tussentijd studeerde ze aan twee conservatoria en werkte ze samen met onder anderen Laurel Halo, Nicolas Jaar, psychedelische folkzangeres Linda Perhacs en de band Ducktails. Van die laatste was haar ex-vriendje de frontman. Zou hij oorzaak van de albumthematiek zijn?

‘‘Vaak word me gevraagd waarom ik niet over mijn eigen leven schrijf, dat schijnt nogal verwarrend te zijn”

The Berlin Stories
Die interpretatie ontkracht Holter meteen, zonder diep in te hoeven gaan op de verschillende relatiebreuken die zij achter de rug heeft. ‘‘Vaak word me gevraagd waarom ik niet over mijn eigen leven schrijf. Dat schijnt nogal verwarrend te zijn, alsof er een tweedeling in artiesten bestaat: je schrijft óf alleen maar over je eigen leven óf bent iemand die dat vermijdt.’’ Met haar verhalende teksten wil Holter juist het creatieve proces van muziekschrijven uitleggen. Voor de tien nummers op Have You in My Wilderness verzon ze tien verhalen, de meesten geïnspireerd op boeken of films. ‘Het is vaak maar een miniem onderdeel dat me inspireert,’’ vertelt ze, ‘‘een personage, bijvoorbeeld.’’ De rest van het nummer schrijft ze daaromheen. Als voorbeeld noemt ze het personage Sally Bowles uit Christopher Isherwoods The Berlin Stories. Ze las die verhalenbundel op haar achttiende, toen ze toevallig in Berlijn was, en gebruikte het personage voor het nummer ‘How Long?’

Ondanks die externe inspiratiebronnen is een aantal teksten geschreven in een zogenaamde stream of consciousness, een schrijftechniek waarin de auteur het denken nabootst in een ononderbroken stroom van gedachten, gevoelens en ideeën. Betekent dat dat er toch een autobiografisch element in haar gezongen woorden zit? Holter moet er even over nadenken, begint haar zin steeds opnieuw. ‘‘Nee. Niet alle teksten zijn zo geschreven. Sommigen wel, maar dan zijn die daarna door mijzelf en de producer bewerkt.’’ Die teksten schreef ze in een staat waarin er even geen controle of rem was, dus in die zin zijn ze autobiografisch. ‘‘But… I mean, you know, sure, yeah it’s all autobiographical. Alles komt voort uit mijn eigen ervaringen, maar dat betekent niet dat wat ik schrijf letterlijk zo gebeurd is.’’

Ze vergelijkt het met boeken lezen: ‘‘Je vraagt je altijd af in hoeverre het autobiografisch is.’’ En dat is de reden waarom haar muziek zo vol van gevoel en overgave is. ‘‘Je moet je in mijn muziek en teksten kunnen inleven, dat vind ik het belangrijkste.’’

Van slaapkamer naar studio
Toch noemt ze zich geen fanatiekere lezer dan gemiddeld: meer nog dan een verhalenverteller is ze muzikant. Have You in My Wildernis is geïnspireerd op meer muziekstromen dan haar vorige albums, waaronder jazz, pop, minimal en traditionele ballades als het nummer Duchess van Scott Walker uit 1969, maar ook op bijvoorbeeld Bob Dylans album Nashville Skyline.

Experimenteren met vormen en geluiden en de vrijheid hebben om dat te kunnen doen, zijn voor Holter cruciaal. Waar de nummers op haar vorige vier albums opgebouwd waren uit veel lagen, texturen en vooral korte strofes, wilde ze zich nu minder focussen op de sfeer en het geluid, maar meer op het verhalende karakter, met langere strofes en refreinen en traditionelere constructies. ‘Ik houd van de eenvoud van alleen maar piano spelen en zingen op een podium. Dat was een hele uitdaging.’

“Have You in My Wilderness is een soort verhalenbundel”

Een andere vernieuwing was de intensieve samenwerking met haar producer Cole Marsden Greif-Neill. Have You in My Wilderness werd een studioalbum, niet een plaat die voornamelijk tussen de vier muren van haar slaapkamer ontstond, zoals Holter gewend was. ‘‘Op dat studiogedeelte ben ik helemaal niet gefocust en dat wil ik ook niet zijn: het staat verder weg van mijn creatieve proces. En er zijn andere mensen die daar goed in zijn.’’ Haar producer werkte in zijn eentje aan haar demo’s. ‘‘Hij heeft er heel veel aan veranderd, in positieve zin: hij snapt mijn werk.’’ Het enige nadeel aan zo intensief samenwerken was het steeds moeten afspreken in de studio. Dat kostte veel tijd, waardoor deze plaat voor Holters begrippen lang (twee jaar) op zich liet wachten.

Oude Griekse namen en Gigi 
Nog een verschil met haar vorige albums is dat die drie één groter verhaal als uitgangspunt hadden. ‘‘Have You in My Wilderness is een soort verhalenbundel: het zijn tien losse verhalen.’’ Niet over break ups, corrigeert ze, maar over relaties in het algemeen. ‘‘Ik veoordeel er niemand mee; het is meer beschouwend. Ik observeer en beschrijf hoe mensen met elkaar omgaan.’’ Ondanks de verschillende nummers, is het overkoepelende thema affectie, voortkomend uit liefde, en niet kunnen loslaten. ‘‘Maar de thematiek is breder hoor: niet alle nummers gaan over eindigende relaties.’’ Have You in My Wilderness gaat namelijk ook over liefde in het algemeen, de kracht daarvan en de verschillende perspectieven van relaties.

Over haar andere drie albums vertelt ze alsof ze het over middelbare schoolrapporten heeft die vol tienen staan; alsof het vanzelfsprekend is dat haar debuutalbum Tragedy geïnspireerd is op een ruim tweeduizend jaar oude Griekse tragedie – bij het uitleggen lacht ze even, alsof ze zich verontschuldigt voor de logisch gekozen albumtitel. Hippolytus van Euripides is het stuk dat ze vertaalde naar haar dromerige, intense avant-gardegeluid.

Haar tweede plaat kwam nog geen jaar later uit, in de lente van 2012, en had een Griekse titel: Ekstasis (extase of buiten jezelf zijn)Verder staat het album voor Holter los van haar andere werk. ‘‘Het is eigenlijk een collectiealbum van losse nummers.’’ Het in 2013 uitgebrachte Loud City Song grijpt voor Holters eigen gevoel meer terug op Tragedy. ‘‘Het is ook dramatisch en echt een conceptalbum.’’ Haar derde plaat is namelijk geïnspireerd op de verfilming van de roman Gigi van Colette, uit de jaren vijftig.

Hoewel Holter haar titels snel achter elkaar en op chronologisch volgorde bespreekt, zegt ze geen proces in de reeks platen te zien. ‘‘Ik zie ze allemaal los van elkaar, als op zichzelf staande werken en experimenten.’’ Dat verklaart ook waarom ze haar oudere albums niet anders is gaan zien na het afronden van haar meest recente plaat. En misschien is het voor die vraag ook nog wel te vroeg: met vier albums in drie jaar kan er niet veel tijd zijn geweest om te reflecteren of terug te blikken.


Een orkest, folkband of Berghain?
Al helemaal niet als je weet dat die vier albums produceren en optreden over de hele wereld niet het enige is wat de Californische na haar afstuderen heeft gedaan. Ze werkte mee aan het album St. Catherine van Ducktails, speelde in de band van Linda Perhacs en trad op in een groot orkest en in clubs als Berghain. ‘‘Voor mij is het niet heel anders om in een club, een klein barretje of op een groot festival te staan,’ zegt ze nuchter. ‘Het is natuurlijk een andere omgeving, maar ieder optreden is uniek, waar je ook staat. Die afwisseling zou ik niet willen missen.’’

“Mystiek vind ik heel belangrijk”

Net zo belangrijk vindt ze samenwerken met andere artiesten. ‘‘Ik heb geen lijst van mensen met wie ik zou willen werken: het is maar net wie ik tegenkomen en afhankelijk van wiens muziek ik houd.’’ Als ze samenwerkt betekent dat niet dat de twee stijlen in de blender worden gegooid of aan elkaar worden geplakt: ‘‘Er ontstaat dan juist iets compleet nieuws. Dat is het bijzondere en waardevolle eraan.’’ Zo werkte ze samen met Laurel Halo voor het label van Nicolas Jaar. ‘‘De muziek van Laurel Halo is heel mysterieus en ze daagt zichzelf constant uit, verandert steeds waar ze mee bezig is,’’ vertelt ze daarover. ‘‘Mystiek vind ik heel belangrijk.’’ Dat geloof je meteen als je de teksten van Have You in My Wilderness een beetje kent. In het gelijknamige nummer zingt ze bijvoorbeeld: ‘Shake me awake! Am I the man you see through your mystery eyes?’ In het eerste nummer op de plaat: ‘Can I feel you? Are you mythological? It’s impossible to see who I’m waiting for in my raincoat’. En in het op zich al mysterieus getitelde Silhouette: ‘I lose my breath just envisioning the scene. Mysteries that wake up late.’ En zo kun je alle teksten van het album uitpluizen en doorgronden, want in iedere strofe staan, heel literair, metaforen en subteksten verstopt – al dan niet geleend van klassieke schrijvers.

Niet gek dus, dat er geen genre bestaat waarmee Holter het liefst wordt omgeschreven. Dat is ook niet haar doel, ze voelt zich thuis in de melange en afwisseling van al die stijlen. En dat is niet zo verrassend, gezien haar oneindig brede inspiratiebronnen. Geef haar een boek of willekeurig album – liefst niet te nieuw – en ze maakt er meeslepende, intieme, toegewijde en sprookjesachtige avant-gardemuziek van, waarin de bron niet meer van zicht- of hoorbaar is. Die moet je haar zelf vragen, en gelukkig vertelt ze met alle liefde en tegelijkertijd nuchter, alsof ze niet net terugkomt uit Australië en deze week nog naar Canada en Europa vliegt, over haar zelfgemaakte mysteries.