Wildeburg: festival in de Noordoostpolder

Beschuit met muisjes, dat is het enige dat bij dit kraambezoek nog ontbreekt. In een statig, studentikoos pand aan de Amersfoortse Zuidsingel is een veelbelovend festival geboren. De trotse ouders vertellen dat Wildeburg van 15 t/m 17 juli behalve festival ook een idyllisch droomdorp zal worden, waarin vrijheid voorop staat. Of de muisjes blauw of roze moeten zijn, weten Paul Niezen en Timo Spruitenburg nog niet. Samen met Siep en Sijmen Stronks zijn zij de organisatoren van het in Nederland befaamde Into the Woods. Na bijna zes jaar krijgt hun festivaltelg een broertje of zusje met een geheel eigen identiteit. ‘‘Broers of zussen groeien naarmate ze ouder worden vaak steeds verder uit elkaar.’’

Ondanks het succes van hun kleinschalige en creatieve festival in de bossen van Amersfoort, bleven de mannen dromen over hun ideale festivalbeleving. Er werd jarenlang alleen maar over dat utopische plaatje gepraat en gefantaseerd, maar eind 2015 belandde het in een sneltreinvaart, om op een nagenoeg onontdekte plek in de Noordoostpolder te stranden. ‘‘Het is niet dat Into the Woods iets miste,’’ maakt Spruitenburg duidelijk, ‘‘of dat we een gat in het Nederlandse festivallandschap willen vullen; Wildeburg is ontstaan vanuit een droom.’’

‘‘Mensen reizen ruim een dag naar Oost-Duitsland voor een meerdaags festival, hier ben je binnen een uur’’

Van bamboe- naar dennenbos
Een van de belangrijkste uitgangspunten is dat het festival ’s nachts door kan gaan en niet al om twaalf uur moet stoppen. ‘‘We kregen te horen dat veel bezoekers van onze andere festivals langer door wilden gaan.’’ En daarvoor is een camping nodig, zodat je je kunt onderdompelen in de festivalbeleving vanaf het moment dat je je tentje op donderdagmiddag opzet totdat je dat weer op maandagochtend afbreekt. Niezen: ‘‘Dat is, denk ik, uniek in Nederland. Je hebt hier weinig elektronische muziekfestivals met zo’n campingvibe.’

Een geschikte locatie vinden was het grootste obstakel: door de bevolkingsdichtheid is de regelgeving voor evenementenvergunningen in Nederland streng. ‘‘We hebben een enorm gebied uitgekamd, van net over de grens in Duitsland tot de Ardennen.’’ Even leek het niet te gaan lukken. ‘‘We dachten dat het een long shot zou worden, maar vanaf het moment dat we deze locatie in het vizier kregen is het heel snel gegaan.’’

Na ruim een jaar locaties spotten en rondbellen, belandde de organisatie in de Noordoostpolder, vlakbij Emmeloord. ‘‘Dat zegt waarschijnlijk niemand iets en klinkt allesbehalve sexy, maar eigenlijk is het dat juist wel.’’ Middenin de polder, in het gebied dat zelfs nog niet op de digitale landkaarten staat, ontvouwt zich een idyllisch terrein met duinen, eilandjes, een strandje, zwemwater, bamboebossen, kruipdoor-sluipdoorpaadjes en prachtige, ongerepte natuur. Niezen: ‘‘We durven wel te zeggen dat dit een van de vetste locaties van Nederland is.’’

Het vizier werd opzettelijk buiten de Randstad gericht. ‘‘Natuurlijk omdat ’s nachts doorgaan binnen de Randstad amper mogelijk is, maar ook omdat we die meerdaagse festivalervaring willen bieden. Als het te dicht bij huis is, fietsen mensen naar huis om te slapen en komen ze de volgende dag pas terug.’’ Wildeburg ligt op een dikke honderd kilometer van zowel Amersfoort als Amsterdam. ‘‘In onze ogen is dat nog steeds relatief dichtbij huis,’’ zegt Spruitenburg, ‘‘maar wel ver genoeg om niet heen en weer naar te rijden en een iets bijzonders te bieden.’’ Niezen vult aan: ‘‘Mensen reizen ruim een dag naar Oost-Duitsland voor een meerdaags festival; hier ben je binnen een uur.’’

Dorpsgevoel
Welllicht heb je Wildeburg al tevergeefs op Google Maps gezocht. Dat dorp gaat de organisatie namelijk zelf ontwikkelen. ‘‘We willen een dorps karakter creëren. Wanneer je een weekend op hetzelfde festivalterrein bent, bouw je een band met elkaar op, helemaal wanneer het relatief intiem en kleinschalig is.’’ Er zal dan ook maximaal vijfduizend man op het weids opgezette terrein lopen. Spruitenburg: ‘‘Wanneer je met weinig mensen drie dagen lang op één plek bent ga je gaat steeds meer gezichten herkennen.’’

Niezen legt uit dat de festivalnaam daarom kneuterig en vertrouwd moest klinken. ‘‘Een van de eerste reacties was dat iemand de plaats Wildeburg ook echt had gezocht maar niet kon vinden. Volgens mij geeft dat wel aan dat het echt als een dorp klinkt.’’ En dat was ook het doel: ‘We wilden een naam waar geen festival achter hoeft te staan. Je gaat gewoon naar Wildeburg.’’

‘‘In Nederland bestaat zoiets nog niet”

Line-up
Op het terrein zullen vier podia staan, waarvan drie dancepodia en één livepodium. Vandaag zijn voor de dancepodia bevestigd: Extrawelt (live), Some Chemistry, Nuno dos Santos, Mattheis, Cinnaman, San Proper, Elias Mazian, Interstellar Funk, Rahaan, San Soda, Marcus Worgull, Culoe de Song en Marcus Meinhardt. Voor het livepodium, waar gewerkt zal worden met change-over tijden waarin bandjes af- en opbouwen, zijn dat Gallowstreet, Amsterdam Klezmer Band, Koffie, Say Yes Dog, The Dubbeez, Roots Creation en Roots Rising.

‘‘Veel cross-over festivals hebben bandjes overdag en ’s avonds pas elektronische muziek,’’ zegt Spruitenburg. ‘‘We misten de vrijheid om tussen die twee te kunnen kiezen, zodat je overdag zowel kunt dansen als bandjes kunt kijken.’’ De dichtstbijzijnde, meerdaagse en overwegend elektronische campingfestivals zijn in Duitsland, zoals Melt! Festival, Fusion en Nachtdigital. ‘‘In Nederland bestaat zoiets nog niet, vinden wij. Daarom willen we bezoekers de vrijheid geven zelf te bepalen wat ze willen zien: geen of-of, zoals op de meeste festivals, maar en-en.’’

Experimenteren
Niezen: ‘‘Die vrijheid zit ‘m in heel veel dingen, zoals in de dag-nachtverdeling, de programmering en de ruimte. Het terrein is weids opgezet en je hebt alle tijd. Waar veel evenementen stoppen als de meeste mensen gaan slapen, kunnen je hier zelf bepalen wanneer je wil feesten, slapen, zwemmen naar mini-eilanden, dwalen tussen bamboebossen of in zwembroek of bikini op het zandstrand liggen terwijl er goede muziek uit de speakers komt.’’ Die mogelijkheden en ruimte moeten bijdragen aan het gevoel van vrijheid, leggen de mannen uit.

Ook qua openingstijden van de podia ligt de regie daarom in handen van de bezoekers. ‘‘Er gaan podia dicht zodra mensen naar bed gaan: zo golft het aantal podia dat open is het hele weekend mee met de activiteit van bezoekers.’’ Wel staat al vast dat het live-podium om twaalf uur sluit, en dat een van de drie dancepodia kleiner en intiemer wordt dan de twee grotere. ‘‘Dat is het podium dat, samen met een ander dancepodium, de hele nacht openblijft, wanneer de meerderheid in zijn tentje ligt, zodat je niet met een handjevol bij een gigantisch podium staat.’’ Niezen: ‘‘In een enorm Excel-bestand hebben we onderzocht hoe zich die activiteit zich beweegt. Dat was lastig te onderzoeken, omdat we iets best unieks gaan doen.’’ Alleen bij de eerdergenoemde, soortgelijke festivals in Duitsland konden ze het trucje enigszins afkijken. ‘‘Deels op eigen ervaring en deels op dat onderzoek gebaseerd zagen we wanneer mensen willen dansen en wanneer ze slapen. Op die trends hebben we geprogrammeerd.’’

Naast die statistieken wordt de artiestenvolgorde bepaald door het gevoel dat Wildeburg op dat moment van de dag, of nacht, wil overbrengen. ‘‘Normaal gesproken houden we op ieder podium vast aan een bepaald geluid,’’ vertelt Niezen. ‘‘Hier zijn de drie dancepodia zo lang open dat ze niet het hele weekend maar één sound kunnen vertegenwoordigen. We laten het in elkaar over lopen.’’ Door die kaders te laten vallen geef je jezelf veel meer muzikale vrijheid, legt hij uit, en kun je afstemmen op de sfeer, het tijdstip en wat er op dat moment op andere podia gebeurt.

Meevallers
Twee festivals organiseren heeft veel voordelen, zeggen de jongens. ‘‘We hebben dankzij Into the Woods een groot netwerk opgebouwd. Als we het nieuwe concept aan boekers uitleggen, proef je gelijk hun enthousiasme.’’ Met artiesten die in het septemberweekend al geboekt waren, kreeg de organisatie een tweede kans in juli. En natuurlijk andersom.

In januari startte de organisatie van Wildeburg, en inmiddels is ook al een start met Into the Woods gemaakt, dat traditiegetrouw in september plaatsvindt. Of dat niet een beetje veel is? ‘‘Nee, dat gaat eigenlijk heel goed,’ zegt Spruitenburg. ‘‘We hebben drie mensen extra op kantoor. Tot nu toe hebben we voornamelijk meevallers gehad.’’ Het enige struikelblok(je) was de camping. Zoiets hadden ze alle vier nog nooit opgezet. ‘‘Daar heb je weer andere experts bij nodig,’’ zegt Niezen.

Creatief proces
Waar Into the Woods om bekend staat is de aankleding en aandacht voor artistieke fratsen. Hoe mooi het festivalterrein van Wildeburg al is, een onaangekleed terrein hoeven we niet te verwachten, belooft Niezen. ‘‘Ik denk juist dat locatie, kunst, verlichting en decor elkaar moeten versterken. Doordat we de hele nacht hebben, loont het zich om extra veel met licht te doen.’’ Er zijn al met veel gesprekken met kunstenaars gaande, deels met dezelfde als die aan Into the Woods meewerken. Ook bezoekers worden zo veel mogelijk bij het creatieve proces betrokken: ‘‘Via onze website kun je je creatieve ei kwijt. Als we daarin potentie zien en het klikt, komen die elementen en samenwerkingen steevast terug op volgende edities. Zo is ons creatieve team in een paar jaar gegroeid.’’

De samenwerking met kunstenaars heeft zijn vruchten al afgeworpen: Illustrator Olf de Bruin heeft het artwork voor Wildeburg gemaakt, dat de verschillende fictieve bewoners van het dorp verbeeldt. Ieder wezen staat symbool voor een waarde waarop het festival is gebaseerd. ‘‘De paradijsvogel met harige poten staat voor vrijheid,’’ laat Niezen trots en enthousiast zien. ‘‘Bij de Siamese tweeling lopen dag en nacht in elkaar over.’’ Het groene beest dat je kent van de cover is het symbool voor de natuur en de plek, ‘‘die, net als de bewoner, origineel en onderscheidend is, denken wij.’’

Al die kunstenaars worden niet betaald vanuit subsidie, maar puur vanuit sponsoren en kaartverkoop. ‘‘We hebben geen subsidie aangevraagd, ten eerste omdat we vinden dat het festival, net als Into the Woods, zichzelf draaiende moet kunnen zijn. Daarnaast moet je voor een subsidie altijd kunnen verantwoorden waarom je zo’n bedrag aan een kunstwerk of act wilt uitgeven. Dat zou ons teveel beperken in onze vrijheid.’’

Ondanks de relatief lage ticketprijs maken Niezen en Spruitenburg zich geen zorgen over de begroting. ‘‘We hebben er vertrouwen in dat er voldoende bezoekers komen en willen geen overhaaste dingen doen: we hebben alle tijd. Into the Woods begon ook met twaalfhonderd man in 2010 en is organisch gegroeid.’’ Of de verwachte vijfduizend bezoekers dezelfde als de trouwe bosfestivalbezoekers zijn, durven de mannen niet te zeggen. Wel verwachten ze, gezien de muzikale diversiteit en grote aandacht voor kunst en aankleding, een gemixt en allesbehalve eenzijdig publiek. Spruitenburg: ‘‘In principe heeft Into the Woods natuurlijk ook zo’n breed publiek, maar ik denk dat er binnen een breed publiek ook weer veel verschil bestaat.’’

“Als wij kunnen uitleggen en laten zien wat Wildeburg is, dan heb ik er alle vertrouwen in dat we ons in het festivalgeweld kunnen mengen”

Dancefestivalverzadiging?
Het grote aantal festivals dat in dezelfde week van juli plaatsvindt (Buiten Westen, Melt!, Dour en A Day at the Park), zien de mannen niet als riskant. Spruitenburg: ‘‘Er zijn de hele zomer lang, ieder weekend meerdere festivals. Ik denk dat er mensen genoeg zijn om al die festivals te vullen en vind dat je moet geloven in je eigen evenement.’’ Niezen vult aan dat het plan ook niet maar voor een jaar is. ‘‘Als wij kunnen uitleggen en laten zien wat Wildeburg is, dan heb ik er alle vertrouwen in dat Wildeburg stand kan houden in het festivalgeweld. Dour en Melt! zijn inderdaad vergelijkbare festivals, maar Wildeburg is iets totaal nieuws in Nederland.’’

Spruitenburg is het ermee eens dat het Nederlandse festivallandschap vol en wellicht zelfs al verzadigd begint te raken. ‘‘Maar het gaat erom of je van toevoegde waarde bent. Wij zijn er heel erg van overtuigd dat we met dit festival iets unieks gaan neerzetten: dansen terwijl de zon opkomt kan in Nederland nog amper. Ik geloof wel dat er al veel festivals zijn, maar veel dezelfde. Dit is iets anders, denk ik.’’ Niezen lacht: ‘‘Dat is eigenlijk iets wat elke festivalpromotor zegt. Maar bij ons is het écht zo.’’

Ondergeschoven kindje
Dat hun oudste kind, Into the Woods, als een huis staat, mag je gerust zeggen. ‘‘Er blijven verbeterpunten, waarin we onszelf ieder jaar weer willen overtreffen. En die uitdaging, dat willen perfectioneren, blijft enorm motiverend.’’ De mogelijkheden worden steeds groter, nu partners en terrein steeds bekender en vertrouwder worden. ‘‘Into the Woods wordt dus absoluut geen onderschoven kindje,’’ bevestigt Niezen, ‘‘want Wildeburg is de vetste locatie van heel Nederland – minstens zo vet als het Into the Woods-bos.’’